Kindvolgsysteem

In het jenaplanonderwijs wordt niet gewerkt met beoordelingen in cijfers. Toch moet de ontwikkeling en het niveau van het kind goed beoordeeld worden. Daarom kent de school een betrouwbaar systeem van toetsen om het kind te volgen en te beoordelen. Dit noemen we ‘het kindvolgsysteem’. Wij kiezen voor deze terminologie omdat we het kind niet alleen als leerling willen zien. Bij het bespreken van het kind betrekken we de totale persoon. We kijken dan ook naar de persoon van het kind, hoe gemotiveerd/zelfverzekerd hij of zij is.

Bij het toetsen maken we gebruik van landelijk genormeerde toetsen (Cotan) voor beheersing van begrippen, rekenen, begrijpend lezen en spelling. Met het landelijke kindvolgsysteem Cito krijgt de school op eenvoudige wijze betrouwbare informatie over de voortgang van kinderen. Als het kind specifiek ‘hulp’ nodig heeft, dan bieden we dat door extra ondersteuning te geven. Dit bieden we door bijvoorbeeld extra aandacht van de leerkracht of door de inzet van een leesouder. Ook kan de remedial teacher worden ingezet.

Meer informatie over kinderen die extra zorg of hulp nodig hebben, vindt u in onze schoolgids.

De vorderingen van het kind
Regelmatig worden er rapportagegesprekken gevoerd waarin de vorderingen van uw kind besproken wordt. Naast deze rapportagegesprekken met de medewerker krijgen ouders, met een kind in de midden- en bovenbouw, één maal per jaar een rapportage op papier: de pedagogische brief. In deze brief wordt door de medewerker de tussenbalans opgemaakt. De kinderen kunnen op hun beurt met een eigen brief hier weer op reageren. Voor de ouders geeft dit goede aanknopingspunten voor het rapportagegesprek.